Jaws

Jaws

31 januari 2019 2 Door Bonnie

(N.B. leesvoer als driegangen maaltijd!)

Jaws 1 – Mijn eerste confrontatie

Amper achttien was ik toen ik na een mannequin opleidinkje, hier en daar een modeshow liep. Een fotograaf die mij bij het showen van strandkleding in Scheveningen spotte, heeft daarna een portfolio voor mij te gemaakt. Daar zou ik me wel eens even mee presenteren bij een aantal modellenbureau’s. Mijn God….wat heeft mij indertijd toch bezield, vraag ik mij nu vertwijfeld af. Aan de andere kant… ik kan tenminste zeggen dat ik van alles heb ondernomen. Nooit saai.

 “Kínd! Maar je hebt een handicap!” Ik hoorde het haar nog zeggen, vol  afgrijzen met een lang uitgerekte i in het woord kind. Of moet ik zeggen kin? Nooit eerder had iemand mij zo aangesproken op mijn uiterlijk. Verbijsterd was ze. Hoe haalde ik het in mijn hoofd om maar te denken dat ik iets zou kunnen bereiken in de modellenwereld. Binnen enkele seconden werd dat me haarfijn voor de voeten geworpen. Niet alleen was ik veel te klein met mijn 1.57 m., bovendien waren mijn bovenbenen té stevig, maar minstens zo erg: mijn huid- en haarkleur had ik tegen. Hollandse meisjes zijn blond met blauwe ogen en ons agency vertegenwoordigt nu eenmaal het Hollandse ras. Als klap op de vuurpijl was daar ook nog eens mijn kaak. Mijn onderkaak wel te verstaan. Die stak in verhouding tot mijn bovenkaak een stuk verder naar voren.

“Ik kan he-le-maal niets met je”, verzuchtte Yvonne van het gelijknamige modellenbureau in Amsterdam wanhopig. “Ik zou je hooguit een keer kunnen laten figureren bij een reclamespot voor rijst of sigaren. Maar dan nóg: die kaak….. oh kiiiind, vre-se-lijk…!”  Het volgende moment bevond ik me weer op straat. Een ervaring en een handicap rijker.  Hoe had ik ooit kunnen geloven dat ik het wel zou maken op de catwalk? Nederland was helemaal nog niet klaar voor “pinda’s zoals ik”. Welcome in the seventies!

Jaws 2 – Wie A zegt….

Negentien was ik toen ik mijn eerste kaakoperatie onderging, want die leeftijd moest je minimaal hebben. En nee hoor, ik deed het niet omdat Zij van het modellenbureau mij daartoe had aangezet, maar juist op advies van tandarts Rob, tijdens een controlebeurt. “Ai… jouw onderkaak…”  mompelde hij bedenkelijk vanachter zijn mondkapje, terwijl hij drukdoende was met haakje en spiegeltje. Daar gaan we weer, dacht ik nog… handicap. Maar vervolgens lichtte hij toe wat het probleem dreigde te worden met mijn geproportioneerde onderkaak. Het zorgde nu al voor ruimtegebrek achterin, zeker met het doorbreken van mijn verstandskiezen. Het kauwvlak was verre van optimaal, dit ging geheid problemen geven met eten cq. mijn spijsvertering.  “Er kan wat aan gedaan worden als je dat wilt” zei Rob. Hij vertelde dat er van alles mogelijk was op operatief gebied. In mijn geval zou er een stukje van mijn onderkaak afgehaald worden.  “Ze zijn zo kundig, het omgekeerde kan dus ook hé. Als iemand te weinig kaakbot heeft, dan nemen ze gewoon een stukje uit de heup en gebruiken dat voor de reconstructie. Knap hè? Maar, hoe denk jij er over? ”

Heel lang hoefde ik er zelf niet over na te denken en zo werd alles in werking gezet ter voorbereiding op de operatie. Vreemd genoeg weet ik niet zo heel veel meer van die eerste operatie, misschien omdat alles zo ‘van een leien dakje’ gelopen is. Ik was totaal niet nerveus, dat ben ik sowieso nooit als ik niet weet wat me te wachten staat. Toch kreeg ik vlak voor de operatie een prikje om rustig te worden.  Raar vond ik dat, bovendien werd ik er behoorlijk zweverig van.

Toen ik bij kwam uit de narcose vertelde dokter B., mijn kaakchirurg, dat hij aan weerszijden van mijn onderkaak –bij mijn oren-  een centimeter had afgezaagd. Nu stonden de voortanden van mijn boven- en ondergebit recht boven elkaar. Dit was het maximum haalbare met deze ingreep, maar voor een nog beter resultaat kreeg ik een verhemelte-plaat aangemeten om mijn bovenkaak iets op te rekken. Wekelijks werd dat plaatje strakker aangeschroefd,  zodat de voortanden van mijn bovengebit uiteindelijk iets naar voren –voorbij mijn ondergebit- zouden komen te staan.

Het gewenste resultaat bleef na een jaar echter uit en bood dokter B. aan om mij alsnog een keer opereren. Bij deze ingreep zou hij mijn bovenkaak splijten en iets naar voren trekken.

P A U Z E …… Wellicht wil je nu eerst koffie, thee of fris erbij inschenken -popcorn in de magnetron misschien…- voordat je begint aan het laatste deel?
Ehm, ik had niet bedacht dat het zo’n lang epistel zou worden. maar de titel deed wellicht al iets vermoeden 😉

Jaws 3mission accomplished

Mijn tweede operatie was op de kop af een jaar na de eerste, op exact dezelfde datum: 28 juni. Ook nu zag ik er niet tegenop, ik wist wat me te wachten stond. De vorige keer was alles prima verlopen, ik had niet al te veel problemen ondervonden. Hooguit twee maanden vloeibaar voedsel was me gaan vervelen omdat mijn kaken op elkaar vastgezet waren met ijzerdraad. Maar, vindingrijk als ik ben wist ik behendig met een rietje de inhoud van menig kroketje naar binnen te slurpen – bij wijze van variatie.

Ditmaal werd ik ’s middags geopereerd. Van tevoren kreeg ik het mij nog bekende prikje toegediend, die waar ik zo lekker ‘wattig’ van werd in mijn hoofd. Veel sneller dan ik verwacht had, werd ik opgehaald. Met bed en al werd ik de gang op gemanoeuvreerd, de lift in om een paar verdiepingen lager een lange koude gang ingeduwd. Een verpleegkundige die we passeerden, legde in het voorbijgaan een map op mijn bed aan mijn voeteneind.

Grote klapdeuren zwiepten open, een zweem van groenig licht kwam op me af. Ik hoorde een geroezemoes van stemmen.  De map werd van mijn bed gepakt en ingekeken, gevolgd door Aha, hm hm en is zij al geschoren? Met mijn hoofd ergens in de wolken, liet ik het allemaal maar over me heen komen. Mijn bed werd naast een aanzienlijk smaller exemplaar geschoven Denkt u dat u hier zelf op kan komen? “Mja hoor dat wlukt” mompelde ik, terwijl ik constateerde dat mijn tong raar deed als ik praatte. Ik begon te giechelen.

Haar heup… weer die stem van zoeven Kan iemand mij nu zeggen of haar heup al is geschoren? Ineens drong wazig tot mij door wat hier gaande was. Nee joh! hoorde ik. Dit is zij toch niet? Een andere stem klonk licht paniekerig Haal haar weg! Zet haar even op de gang. En voor ik er erg in had werd ik terug in mijn zaalbed gehesen en door de zoevende klapdeuren de kille gang op gereden. Heftige stemgeluiden klonken over en weer in de operatiekamer, ik kon niet letterlijk verstaan wat er gezegd werd, maar het was mij wel duidelijk dat er iets niet helemaal klopte.

Haar heup…mijn heup.. hamerde het door mijn hoofd, terwijl mijn gedachten een poging deden het archiefje van mijn geheugen te bereiken.  Een verpleegster kwam naar me toe en zei geruststellend: “Ik rij je wel even terug naar zaal. Maak je maar geen zorgen hoor, het komt allemaal goed. Je bent gewoon nog niet aan de beurt, dat is alles” Ze zei het quasi luchtig en opgewekt.

Terug op zaal kreeg ik ineens een flashback en waande me zo’n anderhalf jaar geleden in de tandartsstoel bij Rob. Ik herinnerde me met een schok zijn woorden van toen: Als iemand te weinig kaakbot heeft, dan nemen ze gewoon een stukje uit de heup…
Oh mijn God… mijn heup…ik moest iemand waarschuwen! Als in een reflex greep ik naar de telefoon naast mijn bed en draaide het nummer van mijn ouders. “Mam, mam… luister… je raadt het nooit..” ik probeerde mijn zinnen logisch te formuleren, maar het leek alsof ik steeds verder wegzakte in een enorme donzige wolkenmassa met een weigerende tong.
Bon? Wat is er? Wat praat je raar, heb je gedronken of zo? Waarom bel je? Je zou nu toch al op de operatietafel moeten liggen? 
“tsjahhhh…kweenie…d’r is iets met m’n heup of zo…” wist ik nog uit te brengen “ik voel me een beetje raar… dat prikje denk ik of zo… ik ga maar even slapen…” en prompt had ik de daad bij het woord gevoegd.

Ik werd wakker door een regelmatig onafgebroken gepiep in combinatie met het geluid van een zware ademhaling. Ik opende mijn ogen en tuurde in de duisternis. Waar was ik? Wat hoorde ik toch allemaal? Ik kon me niet goed bewegen, wilde wat zeggen maar merkte dat iets mijn keel blokkeerde. Wat was dit in Godsnaam? Toen ik mijn hand naar mijn bonzend hoofd wilde brengen, raakte die verstrengeld in een wirwar van draden. Huh? Wat was er aan de hand? Een lichte paniek bekroop me. Ik voelde plakkers op mijn borst met lange draden die verbonden waren aan een monitor, draden van het infuus en de drains die aan weerskanten uit mijn hals kwamen. En dat zware ademhalen? Dat was ik zelf: ik lag aan de beademing via een dikke tube die in mijn keel verdween.

Ik schrok. Lag ik op de IC?! Wat was er gebeurd?! Was ik al geopereerd? Was er iets niet goed gegaan? Waarom voelde ik niets? Een gevoel van angst overviel me. Die ellendige tube in mijn keel irriteerde me, ik wilde roepen maar ik kon niet…. Ik voelde me hulpeloos en me tegelijkertijd weer wegglijden –in de naweeën van de narcose, zo bleek later.

Omdat ik ‘s middags op zaal in slaap gevallen was, had ik niet gemerkt dat ik weer opgehaald werd. Na de operatie bleek de verkoeverkamer al gesloten en werd ik naar de Intensive Care gebracht om daar uit de narcose te komen. Er was helemaal niets mis gegaan, ik hoefde mij geen zorgen te maken. Gelukkig was het operatieteam er bijtijds achter gekomen dat de map op mijn bed niet de mijne was. Die hoorde bij een patient wiens kaak werd vergroot…. Stel je voor! Ik was even stil om alles tot me door te laten dringen, maar kon toen enigszins opgelucht adem halen.

De andere kant van het verhaal….

Mijn warrige telefoontje had mijn moeder behoorlijk ongerust gemaakt. Meerdere keren belde ze naar de afdeling. Eerst werd haar uitgelegd dat ik door een vergissing later aan de beurt was. Toen kreeg ze te horen dat ik nog altijd niet terug was op zaal. Na over en weer bellen met diverse afdelingen, leek ik “zoek” te zijn en werd mijn moeder haastig afgescheept met een U hoort nog van ons. Pas ’s avonds laat werd ze eindelijk geïnformeerd dat ik op de IC lag. Op dat moment was er echter niemand die haar kon toelichten waarom. Wij adviseren u om morgenochtend nog maar eens terug te bellen. En hè hè, na een onrustige nacht kreeg ze dan eindelijk dokter B. aan de lijn, die alle begrip had voor haar bezorgdheid en het oprecht vervelend vond dat niemand haar juiste informatie had kunnen geven. Als u wilt dan mogen u en uw man nu meteen wel even langs komen, misschien stelt u dat wat meer gerust.

Als een prinses werd ik op mijn bed de zaal opgereden, vrij van bedrading, een beetje opgefrist en toonbaar met zolang even een schoon operatiehemd. En ja hoor, daar zaten ze al…. mijn ouders. Mijn moeder vloog zichtbaar opgelucht overeind en kwam direct op me af Pffff….. die kaken van jou, die weten wat! Nu is het echt klaar hoor! Ik liet mij omhelzen en over mijn moeders schouder knipoogde ik grinnikend naar mijn hoofdschuddende vader, als een boer(in) met kiespijn.

Meest gehoorde opmerking na mijn volledig herstel;
Ik zie iets aan jou…-aarzel-…meid, heb je nou je neus laten veranderen?!