Onder één dak

Onder één dak

18 augustus 2022 1 Door Bonnie

Toen wij in 2017 naarstig op zoek waren naar een gelijkvloerse woning, hebben wij gelukkig maar een relatief korte periode de huizenmarkt-hysterie hoeven meemaken. Ik heb er in mijn blogs vanaf de tweede helft van 2017 zo hier en daar wel eens iets over geschreven. De razendsnelle verkoop van onze woning en de zoektocht naar een nieuw thuis. Ik ben nog altijd dankbaar dat wij in januari 2018 ons huidig appartement konden betrekken. Al had ik over het complex zo mijn twijfels. Of nou ja, eerlijk is eerlijk: ik was bevooroordeeld. 

Ik ga toch zeker nu niet al in een seniorencomplex wonen? had ik gezegd met mijn 60 jaar overigens, terwijl het voor 50 plussers bestemd is. Dus hoezo niet? Bovendien kon ik me geen voorstelling maken bij het “naar elkaar omkijken” en bij “meer dan buren zijn”. Op de één of andere manier benauwde me het op dat moment.

Ik herinner me nog hoe Don mij trachtte te overreden. Omkijken naar je buren, doe je dat hier in de straat dan niet? Als iemand ziek is, zou je dan geen boodschapje voor je zieke buur meenemen of even extra langslopen om te vragen hoe het gaat? Ja duh! Natuurlijk wel! Maar het leek me zo anders: buren in een straat of buren onder één dak.

Inmiddels wonen wij hier straks in januari alweer vier jaar en kan ik nu uit eigen ervaring zeggen: het is anders, buren onder één dak! Zo voelt het voor mij in ieder geval. Misschien wel door de grote glazen overkoepeling “het Atrium”, dat al onze woningen verbindt. Evenals de loopbruggen dat parallel doen op iedere verdieping richting de portieken. Daarbij oogt alles groots, is ruim, licht en doet aan als een luchtige saamhorigheid.

In een setting zoals hier kom je elkaar als buren vaker tegen dan in een straat met 29 woningen op een rij -vind ik. Is het niet bij de brievenbussen of bij het informatiebord, dan is het wel ergens anders binnen in de wandelgangen of buiten in de gezamenlijke tuin. Dan is er ook nog wekelijks vrijblijvend een koffie uurtje en op vrijdagmiddag een borrel. Geen verplichting, maar alle bewoners zijn welkom voor een praatje in ongedwongen sfeer. Dat leidt beslist tot meer betrokkenheid. 

Ik moet toegeven dat het echt wel een paar maanden heeft geduurd voordat ik de juiste namen bij de juiste gezichten wist te noemen en ook wie-hoort-bij-wie. Met de combinatie huisnummer-bewoner(s) heb ik nog altijd moeite, hoewel ik feilloos de plek kan aanwijzen wie waar woont. Tsja, het is ook zo’n complex complex 😉 

Al met al ben ik me hier helemaal thuis gaan voelen. Don had dat al veel eerder, ik was toen nog wat “Kat-uit-de-boom-kijkerig”. Eerst maar eens mijn draai zien te vinden en langs de zijlijn toekijken en ervaren hoe dingen hier lopen zoals ze lopen. Vooral niet (eigen)wijsneuzerig gaan doen. 

Vandaar dat ik eind vorig jaar pas voorzichtig liet doorschemeren, dat ik eventueel wel geïnteresseerd was om iets meer te betekenen voor het groepswonen hier. Niet lang daarna nam ik het voorzitterschap van de bewonersvereniging over van mijn voorganger. In het begin wat onwennig en best ook wel wat spannend, want “Wat als….?”  Tegelijkertijd bedacht ik me: We zijn toch met ons allen? Er is toch betrokkenheid? Als ik iets niet weet, zijn er genoeg anderen die mij op weg kunnen helpen. Ik doe wat ik kan, wat binnen mijn vermogen ligt. Met goed luisteren en de juiste intentie, kom ik vaak al een heel eind.

Meer dan eens heb ik in de afgelopen jaren ervaren, hoe nauw die betrokkenheid kan zijn. Zeker in periodes van ziek zijn en helaas ook overlijdens van medebewoners, dan lijkt een gevoel van nog meer saamhorigheid te ontstaan. Het is niet voor niets dat ik juist hierover, op dit moment, schrijf. 

Aanvankelijk was het mijn bedoeling om aan te haken op mijn blog van de vorige week. Het Mijmeren op Papier, aan de hand van twee voorwerpen die ik mee moest nemen. Ik wekte nog even de indruk dat mijn voorwerpen een vleeshamer en een duivenveer zouden zijn, maar niets was minder waar hoor. Uiteindelijk waren het namelijk één van mijn trouwschoentjes en een diadeem met Bollo-oortjes. Ik was van plan om er in mijn blog van vandaag over te schrijven… ware het niet dat één van onze buurvrouwen gisteren met een ambulance opgehaald werd.

‘s Avonds heb ik voorzichtig bij haar man geïnformeerd of alles onder controle was. Vanmorgen ontving ik echter bericht van hem met de trieste mededeling dat zijn vrouw was overleden. Daar zat ik dan, een geschrokken, geraakt en totaal uit het veld geslagen buurvrouw. Na kort contact over-en-weer, heb ik in de rol van voorzitter de andere bewoners op de hoogte gebracht. Direct boden een aantal buren aan om op te splitsen, om ieder een aantal anderen te informeren.

Er heerste ontsteltenis alom. Wat een onverwacht en verdrietig bericht. Sommigen kenden betreffende buurvrouw al vanaf het begin van het wonen, twintig jaar geleden. Zo had ieder even de tijd nodig om het bericht te laten doordringen en om te willen reageren. Begrijpelijk. Toen ik van mijn ‘rondje’ thuis kwam, werd ik stil. Of beter gezegd: ik wilde stil zijn met even helemaal niets.

Het piepje van mijn droger haalt mij weer terug naar de realiteit. Mijn witte was moet eruit voordat alles gaat kreukelen. Dan komt ook in me op dat ik eigenlijk aan mijn blog moet beginnen. Of nou ja… moet?? Ik kan nu toch kwalijk over koetjes-kalfjes gaan zitten schrijven. Mijn hoofd staat er niet naar.

Ik schuif het bloggen voor me uit en ga eerst iets met mijn wasgoed doen. Dan besluit ik toch ook eerst nog wat boodschappen te doen. Hm, uitstelgedrag. Wat voor smoesjes ga ik nog meer verzinnen om niet aan mijn blog te hoeven beginnen? Want, ik wil helemaal niet schrijven over mijn roze trouwschoen, het voelt zo ‘niet gepast’ (bovendien is dat letterlijk ook nog eens zo… ik pas het ding met mijn platvoeten al jaren niet meer….)

Dan bedenk ik me dat er één woord is dat vandaag de boventoon voert: Betrokkenheid. Nou, daar wil ik dan wel iets over schrijven. Et voilá.

Zoals ik hierboven al zei: “Het leek me zo anders: buren in een straat of buren onder één dak“. Destijds vroeg ik het me af. Nu weet ik het. Het is anders!
Ik denk dat de meesten zich wel kunnen indenken hoe anders bovenstaand scenario eruit had kunnen zien als het had gegaan om buren verdeeld over 29 huizen naast elkaar in een straat….

Conclusie: Ik vind het zo gek nog niet, zo onder één dak…